Nieuwjaarsspeech

Het overkomt iedereen wel eens dat je plotseling – vaak ongewenst – in het middelpunt van de belangstelling komt te staan. Zo’n onaangekondigd moment waarop plots alle ogen op jou gericht zijn en waarop iedereen de adem inhoudt om te luisteren naar wat je in de volgende seconden gaat uitkramen. Ik ben geen fan van zo’n momenten. Een rood aangelopen aangezicht, ietwat vochtige handpalmen en een hartslag van meer dan 120 slagen per minuut klinken in de eerste plaats als mogelijke bijwerkingen van slechtwerkende medicatie, maar in mijn geval zijn dit eerder de vertrouwde neveneffecten die bij zo’n momenten komen kijken.

Zo snel 365 dagen voorbij kunnen gaan, zo snel was het opeens weer 25 december. Op kerstdag heb ik mijn jaarlijkse afspraak met zo’n moment waarop je ongewild in het centrum van de aandacht belandt. Die dag vindt er logischerwijze een kerstfeest plaats. Een kerstfeest bij mijn grootouders langs vaders kant. Een kerstfeest waarop, ruw geschat, een 30-tal personen aanwezig zijn. En ook een kerstfeest waarop in de loop van de avond een moment wordt ingepland waarop iedereen zijn of haar nieuwjaarswensen voor mijn grootouders dient uit te spreken. Aangezien dat moment zich elk jaar herhaalt kan je het nog moeilijk onverwacht noemen, maar ook dit jaar is er weer niemand aan ontsnapt. Peuter of puber, aangetrouwd of eigen bloed, licht beneveld of volkomen nuchter: er wordt verwacht dat iedereen aanwezig zich gedurende enkele minuten naar het centrum van de aandacht beweegt, en daar een woordje of twee placeert over het voorbije oude of het komende nieuwe jaar.

Het hoeft niet te verbazen dat de jongsten onder ons ook dit jaar weer het best waren voorbereid. Met voldoende flair en charme, maar vooral met een nieuwjaarsbrief in de hand, komen ze op zo’n momenten al heel ver. Wanneer had ik ook al weer besloten dat ik het ondertussen wel zonder nieuwjaarsbriefje kon afhandelen, en gewoon een bescheiden nieuwjaarsspeech zou geven? Het gaat ook steeds van jong naar oud, dat uitspreken van de nieuwjaarswensen, en in afwachting van mijn beurt zweer ik naar goede gewoonte om mij tegen de volgende editie beter voor te bereiden. Gewoon op voorhand al eens nadenken over wat ik op dat moment uit mijn botten kan slaan, het zou ongetwijfeld de neveneffecten al wat intomen. Maar net zoals al die andere goede voornemens die bij een nieuw jaar komen kijken, vindt ook dit al gauw zijn plekje in een ver, donker hoekje.

Als het voorlezen van een nieuwjaarsbrief gemiddeld 5 minuten in beslag neemt, en er komen nog 13 andere kleinkinderen voor mij aan de beurt, dan heb ik altijd nog wel even de tijd om te zoeken naar de woorden die ik wat later nodig zou kunnen hebben. En terwijl ik dan met een half oor luister naar de inspirerende nieuwjaarswensen van mijn jongere familieleden, speelt zich ondertussen in mijn hoofd een persoonlijk mini jaaroverzicht af.

2014 was het jaar waarin ik een thesis schreef en afstudeerde. Afstudeerde van een universiteit. Een katholieke dan nog. 2014 was het jaar waarin ik solliciteerde en een eerste echte job vond. Dat rechtvaardigt meteen het te pas en te onpas bovenhalen van mijn businesskaartjes. 2014 was het jaar waarin kotfeestjes plaats maakten voor housewarmings. Lawaaierige, naar smoor stinkende koten werden ingeruild voor “gelieve buiten te roken”- en “denk aan de buren”-appartementen of huizen. 2014 was het jaar waarin ik voor het eerst naar een trouwfeest zou gaan. Geen trouwfeest van één of andere verdwaalde nonkel of nicht, maar godbetert een trouwfeest van vrienden. Generatiegenoten. Mensen uit hetzelfde geboortejaar. 2014 was het jaar waarin ik een blog op de wereld van het internet zette. Een blog die werd bijgehouden zoals het hoort voor een nieuweling. Stappen voor je kan lopen. Voorzichtig en zonder franjes. 2014 was het jaar waarin ik al deze gebeurtenissen steeds weer mocht delen met de blonde stoot die nu al 2,5 jaar lang aan mijn zijde vertoeft. Vooruit bewegend in dezelfde richting en aan dezelfde snelheid, maar bovenal met dezelfde hoeveelheid vlinders in de buik. Toegegeven, dat loopt wel lekker. 2014 was het jaar waarin wat ooit de verre toekomst was, stilaan steeds meer het heden werd. 2014 was, kortom, een geweldig jaar.

Dat zou nog eens een originele insteek geweest zijn voor een nieuwjaarsspeech, denk je dan achteraf. Want ondanks deze woordenstroom rolden op 25 december jongstleden klassiekers van nieuwjaarswensen uit mijn mond, waaronder “een goede gezondheid”, “goed eten en veel drinken” en “veel liefde en vriendschap”, toen ik met een rood aangelopen aangezicht, ietwat vochtige handpalmen en een te hoge hartslag voor mijn grootouders stond. Maar als er, desondanks, in mijn bescheiden nieuwjaarsspeech van 2014 iets zat dat ik zowel mijn grootouders als U en mezelf nog het meest wil toewensen, dan is dat wel het onuitputtelijke geloof dat alles nog beginnen moet, en het beste nog moet komen. Ongeacht hoe geweldig 2014 ook mocht wezen. Het beste moet nog komen.

Happy New Year.

Plaats een reactie